In de 11e eeuw beschreef monnik Stefelijn deze regio: “In deze landstreek ligt Campinia (Kempenland), bestaande uit ver uitgestrekte vlakten, door de zonnehitte verbrand. Dit land is niet tot enige handel geschikt, noch tot het gebruik der mensen, maar is alleen vervuld met holen of schuilhoeken van struikrovers, uit welke holen zij met hun verdragend gezicht, terwijl niets hun in den weg staat, de vreemde reizigers zeer gemakkelijk kunnen ontdekken.”

Het zou anders lopen, in de eeuwen die volgde groeide Eindhoven uit naar de economische wereldspeler en een stad van 240.00 inwoners.