Sociale basis, ondersteuning en zorg
Een sterke sociale basis vormt het fundament van een gezonde, veerkrachtige en leefbare stad. Het stelt inwoners in staat om mee te doen, elkaar te ondersteunen en zoveel mogelijk samenredzaam te zijn. Door hulpvragen tijdig in de sociale basis op te pakken, voorkomen we dat een deel hiervan in de eerste of tweede lijn landt.
Zorg en ondersteuning hoort betrouwbaar, toegankelijk en toekomstbestendig te zijn. Dak- en thuisloosheid voorkomen we zo veel als mogelijk en we streven ernaar dat er voor psychisch kwetsbare inwoners snel een passende zorg- en/of woonvorm is.
Bij ondersteuning van inwoners die dat nodig hebben, gaan wij ervan uit dat mensen zoveel mogelijk zelf beslissen over hun leven en zorg. Wij vinden het belangrijk dat onze oudere inwoners zo lang mogelijk actief kunnen blijven deelnemen. We bieden ondersteuning waar nodig en gaan vereenzaming tegen. Als het tegenzit, is er een vangnet dat helpt om weer houvast en perspectief te krijgen. De focus ligt op preventie, vroege signalering en het versterken van de sociale basis. Daarnaast zetten we in op slimmer organiseren, door verbinding van wonen, zorg en welzijn in de wijk.
We realiseren ons dat dit een enorme opgave is, onder andere door de vergrijzing. Dit is niet alleen een financiële uitdaging, ook het grote tekort aan zorgpersoneel maakt verandering noodzakelijk. Het vraagt om een herinrichting van het zorglandschap (zowel voor jeugdhulp als Wmo-zorg) en de sociale basis. Het aanbod tweede- en eerstelijnszorg neemt af, er zal een verschuiving plaats gaan vinden tussen hulp dat vanuit de tweede lijn, eerste lijn en sociale basis wordt opgepakt. Ook moet er meer door het persoonlijk netwerk/gezinnen zelf worden ondersteund. We gaan op zoek naar een nieuwe relatie met onze zorgpartners, waarbij we hun kennis en inzichten actief betrekken bij onze transformatieopgave. En we geven uitvoerende professionals de ruimte om te doen wat nodig is. We betrekken hierbij de cliëntenraad. Ook gaan we op zoek naar een gedeelde verantwoordelijkheid voor deze opgave met onze regiogemeenten.
We maken meer gebruik van collectieve vormen van zorg en ondersteuning. Mantelzorg blijft cruciaal, we willen mantelzorgers zo veel mogelijk ondersteunen. Goede zorg en ondersteuning vraagt iets van onze gehele samenleving. Stichtingen, verenigingen, hun vrijwilligers en (geloofs)gemeenschappen zijn erg belangrijk en versterken het sociaal weefsel.
Uitgangspunten
Van buiten
- De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) maakt ons verantwoordelijk voor de ondersteuning van mensen die niet op eigen kracht samenredzaam zijn. We ondersteunen de voorgenomen landelijke wetswijziging om de eigen bijdrage voor de Wmo aan te passen, waarbij meer rekening wordt gehouden met inkomen en vermogen.
Van onszelf
- De Koers Sociaal (2)040 is onze leidraad, we geven uitvoering aan het Programmaplan Transformatie Sociaal (2)040 2025-2030.
- We zetten de uitvoering van het raadsvoorstel Vitale Ouderen in (2)040 en de Woonzorg- visie 2023 - 2030 door.
Doelstellingen
- We dringen wachtlijsten voor de Wmo terug, en handelen Wmo hulpvragen binnen de maximale wettelijke termijn van 8 weken af (6 weken voor onderzoek en 2 weken voor aanvragen).
- De mate van (zelf- en samen-)redzaamheid bij inwoners neemt toe van 56% in 2025 naar 70% in 2030.
- In de veronderstelling dat de kosten van de Wmo verder gaan groeien, stellen we ons ten doel om het financiële basispad van 2025 naar 2030 enkel te laten groeien met het inwonersaantal.
Dit gaan we doen
- Met de zorginkoop van 2028 beperken we het aantal Wmo-aanbieders, sturen we aan op langere contracten en onderzoeken we de sturing met budgetlimieten. We zetten in op kwaliteit van voorzieningen.
- Om de kwaliteit van de zorg en begeleiding te verbeteren, zoeken we ruimte in de aanbesteding en gegevensdeling.
- Bij de herinrichting van het zorglandschap nemen we ook de opdracht van WIJeindhoven en het Servicebureau mee.
- We geven bewoners, vrijwilligers en zorgverleners meer zeggenschap en ruimte over gewenste en benodigde ondersteuning, zoals bijvoorbeeld voorzorgcirkels.
- Bij het declareren van zorg worden soms fouten gemaakt. Dat is menselijk en kan iedereen overkomen. Maar bewust misbruik van zorgbudget om er zelf beter van te worden accepteren we niet: dat pakken we stevig aan.
- We versterken de samenwerking met zorgverzekeraars. We zetten in op gezamenlijke afspraken over de kosten en opbrengsten van zorg, gecombineerd met het investeren in preventie en ondersteuning in de wijk. Hierbij past het experimenteren met wijkbudgetten.
- We willen voorkomen dat tijdens het wachten op zorg, situaties escaleren. Daarom komen we met een aanpak voor lichtere (vrijwillige) begeleiding, contactmomenten en inzet van ervaringsdeskundigen. We versterken hiervoor de samenwerking met vrijwillige hulpverleners, zoals cliëntondersteuners en ouderenadviseurs.
- We ontwikkelen een aanpak - specifiek voor ouderen - gericht op meer preventie, langer zelfstandig wonen, het voorkomen van eenzaamheid, en op het kunnen benutten van hun kennis en levenservaring. Hierbij horen onder andere evenementen of informatie voor mensen die de AOW-leeftijd naderen en de inzet van (vrijwillige) ouderadviseurs. We werken actief samen met seniorenorganisaties.
- We komen met een Integraal Huisvestingsplan (IHP) voor de Wmo.
- We maken stevige afspraken met regiogemeenten over het realiseren van voorzieningen, de instroom (onder andere het aantal uithuiszettingen) en de uitstroom, zodat de druk op Eindhoven afneemt.
- We stellen extra middelen beschikbaar voor het transformatiefonds.
- We stimuleren initiatieven in de sociale basis die eenzaamheid voorkomen en het taboe doorbreken, zoals Join Us en Fietsmaatjes.
- Mantelzorgers en vrijwilligers zijn onmisbaar, maar staan steeds meer onder druk. Daarom intensiveren we ondersteuning, bijvoorbeeld met respijtzorg, waarmee mantelzorgers even op adem kunnen komen.
- Vrijwilligers waarderen we actief. We versoepelen de regels voor onkostenvergoeding van vrijwilligers en we kijken waar we de administratieve lasten voor vrijwilligersorganisaties kunnen verlagen.
- We ondersteunen de verdere doorontwikkeling van de app Jijdoet040, waarmee inwoners vrijwilligerswerk kunnen vinden dat bij hen past.
Jeugd en jeugdzorg
De jeugd is onze toekomst. We willen dat alle kinderen en jongeren gezond, veilig en kansrijk kunnen opgroeien en zich optimaal kunnen ontwikkelen. Wij vinden het niet normaal dat bijna 1 op de 9 kinderen en jongeren jeugdzorg nodig heeft. We willen dat dit afneemt.
Uitdagingen bij opgroeien en opvoeden horen bij het leven en vragen niet altijd om professionele hulp. We onderschatten niet de vragen die voor kinderen en jongeren spelen en de situaties waar (langdurige) inzet van hulp of zorg noodzakelijk is. We vinden dat hulp waar mogelijk korter en gerichter kan zijn. Met preventie en collectieve ondersteuning komen problemen vroeger aan het licht en verminderen we de noodzaak van zwaardere zorg. We kijken naar het kind en de thuissituatie, én naar de leefomgeving: de school, de straat, de sportclub of vereniging. We gaan uit van het principe ‘zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig’. Voor sommige kinderen en buurten zullen we daarom meer moeten doen dan voor andere. Dit vraagt ook om een flinke cultuurverandering; uitdagingen vragen niet altijd om professionele hulp. De ondersteuning die nodig is, staat voor ons in het teken van kwaliteit en effectiviteit. We willen zo meer grip krijgen op de toename van de vraag, de wachtlijsten en op de kosten. Dit is nodig om het totale systeem van jeugdzorg toekomstbestendig te maken, omdat dat inhoudelijk, financieel en personeel-technisch nu niet zo is. Maar bovenal om jongeren in de toekomst zorg te kunnen garanderen.
Uitgangspunten
Van buiten
- Jeugdzorg is een wettelijke taak.
- In heel Nederland staat de jeugdzorg onder druk. Er is onzekerheid over financiering en mogelijke bezuinigingen vanuit het Rijk en stelselwijzigingen.
- De analyse en conclusies van het Rapport Groeipijn, Advies Deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd (advies Van Ark) laten zien dat er landelijk en lokaal forse stappen nodig zijn.
- We werken regionaal samen op inkoop van jeugdzorg.
- Beschikbaarheid van voldoende en gekwalificeerd personeel staat onder druk
Van onszelf
- De Koers Sociaal (2)040 houden we vast en het programma Deltaplan Jeugd borgen we in de lijn Kansrijk Opgroeien.
Doelstellingen
- Passende ondersteuning, hulp en zorg voor kinderen en jongeren die dat nodig hebben.
- In de veronderstelling dat de kosten van de jeugdzorg verder gaan groeien, gaan wij bijsturen en stellen we ons ten doel om het financiële basispad van 2025 per 2030 af te buigen met 15% (zie grafiek).
- In de komende 4 jaar zetten we stappen om te werken aan het verlagen van het aantal jeugdigen dat tweedelijns jeugdzorg gebruikt, zodat op langere termijn nog maar 1 op de 15 jongeren jeugdzorg nodig heeft.
- We verminderen de kosten van dure specialistische jeugdzorg. Met behoud van kwaliteit stellen we ons ten doel om de kosten van de 200 meest intensieve behandeltrajecten terug te dringen.
Dit gaan we doen
- Onze inzet voor de regionale aanbesteding voor de jeugdzorg (2028) is:
- Versterken van het aanbod voor de specialistische zorg, met een betere prijs-kwaliteitsverhouding.
- Vergroten van de ruimte voor professionals om de juiste hulp te kunnen bieden, waardoor de opschaling voorkomen kan worden van jeugdzorgtrajecten.
- Flink terugbrengen van het aantal contractpartners en met langjarige contracten werken.
- Werken met bewezen methodieken.
- We nemen bestuurlijke regie om grip te krijgen op de kwaliteit en kosten van specialistische jeugdzorg voor de 200 meest intensieve behandeltrajecten.
- We verminderen de één-op-één ondersteuning door waar het kan collectievere vormen aan te bieden.
- We maken afspraken met huisartsen over een uniforme werkwijze van verwijzen om het aantal en de herhaling van verwijzingen naar jeugdzorg omlaag te brengen.
- We versterken de preventie in de eerste 1000 dagen van een kind (Kansrijke Start) door focus op gezonde hechting en kraamzorg, en waar nodig de eigen bijdrage van kraamzorg te vergoeden voor mensen die dit niet zelf kunnen betalen.
- We investeren in opvoedondersteuning, in de leefomgeving van jongeren en in de sociale basis. Dat doen we door bijvoorbeeld in elke wijk een jongerenwerker, kinderwerk tot 12 jaar, en SPIL- en vve-beleid gecombineerd met een aanpak achter de voordeur.
- We zetten het Transformatiefonds in om met incidentele middelen structurele ombuigingen te realiseren.
- We jagen de bredere maatschappelijke dialoog gericht op normaliseren, opgroeien en opvoeden aan.
Onderwijs en studenten
Onderwijs vormt de sleutel tot gelijke kansen en maatschappelijke vooruitgang. Leren stopt niet na school. Van peuter tot professional stimuleren we een leven lang ontwikkelen, samen met onderwijsinstellingen, werkgevers en maatschappelijke partners. Basisvaardigheden zijn daarbij essentieel, net als voldoende tijd, middelen en waardering voor leraren.
De gemeente is verantwoordelijk voor gezonde en duurzame schoolgebouwen (po en vo). Kinderen en jongeren hebben recht op ontwikkeling en onderwijs in de buurt. We zetten in op het uitvoeren van het Integraal Huisvestingsplan 2025-2041.
Als trotse studentenstad biedt Eindhoven ruimte aan mbo-, hbo- en wo-studenten. Studenten brengen energie, creativiteit en innovatie en verdienen een plek waar ze zich thuis voelen. We investeren in betaalbare studentenwoningen, inclusieve voorzieningen en een bruisend studentenleven, met ruimte voor ontmoeting, cultuur en ontwikkeling. Samen bouwen we aan een stad waarin iedereen kan leren, groeien en bijdragen.
Uitgangspunten
Van buiten
- Het Rijk bepaalt inhoud, kwaliteit en bekostiging van onderwijs en kinderopvang via landelijke wet- en regelgeving.
Van onszelf
- Het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2025-2041 (IHP), inclusief IHP Gestel.
- De Lokaal Educatieve Agenda 2024-2028 (LEA) is het uitgangspunt, we herijken deze in 2028.
- Actieplan Samen voor het mbo.
- Stadsplan Basisvaardigheden 2024-2028.
Doelstellingen
- We realiseren in deze bestuursperiode de modernisering/ verbouwing van ten minste 16 scholen, volgens het IHP.
- Het percentage doelgroepleerlingen (groep 3) dat gemiddeld of bovengemiddeld scoort voor technisch lezen, stijgt van 59% naar 70% in 2030.
- Het percentage leerlingen met startkwalificatie stijgt van 61% naar 76% in 2030.
- Het mentaal welzijn van scholieren en studenten verbetert.
- We maken van Eindhoven een bruisende studentenstad met ruimte voor ontmoetingen, initiatieven en evenementen. Studenten beoordelen Eindhoven als studentenstad met >7,5.
- We verhogen het aandeel aan Leven Lang Ontwikkelen (LLO) van 19% naar 21% in 2030.
- We streven er jaarlijks naar dat tenminste 60% van de deelnemers aan volwasseneneducatie taalvaardiger wordt.
Dit gaan we doen
Studenten
1. We werken samen met studenten(organisaties) en onderwijsinstellingen aan een studentenagenda. Hierin maken we afspraken over eerlijke stagevergoedingen, het bestrijden van stagediscriminatie, mentale gezondheid en het ondersteunen van studentenverenigingen en -evenementen. We zetten in op een Eindhovense ‘veerkrachtcoalitie’ om welzijn van studenten en jongeren te verbeteren. We meten hoe studenten de stad beoordelen.
2. We versterken ons actieplan Samen voor het mbo. Zo zorgen we dat ook mbo-studenten van studentenfaciliteiten gebruik kunnen maken of korting kunnen krijgen. Met het mbo, hbo en universiteit versterken we gezamenlijke verenigingen en activiteiten.
Onderwijs
3. We realiseren de IHP-uitvoeringsplannen. Daarnaast kijken we hoe meer multifunctioneel gebruik gemaakt kan worden van onderwijsgebouwen.
4. We starten een grootschalige aanpak kansengelijkheid en we breiden de Rijke Schooldag uit tot minimaal 50 deelnemende scholen. We onderzoeken samen met scholen de mogelijkheden om onder andere gratis schoollunches, schoolfruit, huiswerkbegeleiding en weerbaarheidstrainingen aan te bieden.
5. We gaan aan de slag met een taaloffensief om laaggeletterdheid en taalachterstand aan te pakken, in samenwerking met onder andere kinderopvang, scholen, bibliotheek en andere (maatschappelijke) partners. We breiden taalprogramma’s en het schakelklasprogramma uit voor (internationale) kinderen.
6. We zien dat kinderen steeds vaker een niet-passend advies krijgen van po naar vo. Onderdeel van dit probleem is dat praktisch onderwijs vaak ondergewaardeerd wordt. We benutten onder andere het overleg van de LEA om het advies en plaatsingsproces en de effecten ervan te volgen en samen afspraken te maken.
7. We ondersteunen scholen om het aantal thuiszitters terug te dringen, door uitvoering te geven aan het regionaal beleidsprogramma LLO.
8. We optimaliseren de voor- en vroegschoolse educatie (vve) en zetten ons in om de positie van kinderen in kwetsbare posities te verbeteren binnen het SPIL-concept.
9. We kijken hoe we de lessen van het SPIL-concept kunnen gebruiken om deze verder uit te breiden, waarbij de rol van ouders nadrukkelijk terugkomt. De inzet van sleutelfiguren, zoals een brugfunctionaris, speelt hierin een belangrijke rol.
10. We versterken de preventieve aanpak op scholen door ‘schoolteams’ op het gebied van de sociale basis of ondersteuning vanuit de eerstelijn, te beginnen op de scholen de hoogste jeugdhulpvraag.
Economie
De hightech maakindustrie en de Brainport samenwerking tussen bedrijven, kennisinstellingen en overheid staat nationaal en internationaal op de kaart. We zijn hier trots op en koesteren de unieke kracht van deze samenwerking. Onze inzet is gericht op het faciliteren van een aantrekkelijk leef- en vestigingsklimaat. We zetten – samen met de triple helix partners – in op diversificatie van onze economie om de economische basis te versterken, verbreden en toekomstbestendig te maken en niet afhankelijk te zijn van één waardenketen. Dit betekent ook dat we scherpe keuzes maken welke economische ontwikkelingen we niet faciliteren.
Voor ons staat de brede welvaart voorop. We gebruiken de kracht van Brainport ook om aan een sociale en inclusieve samenleving te bouwen, zodat het een fijne plek blijft om te wonen, werken en leven. Dit doen we in nauwe samenwerking met de provincie en het Rijk en door gebruik te maken van de kansen die Europa ons biedt. We stimuleren bovendien álle werkgevers om verantwoordelijkheid te nemen voor het welzijn en de welvaart van hun medewerkers en omgeving.
Onze lokale economie is van grote waarde. Van de winkeliers in de wijkwinkelcentra of de binnenstad, tot de mkb’er op onze bedrijventerreinen. We stimuleren kennis en investeringen in digitalisering en verduurzaming. We verminderen administratieve lasten en onnodige regels. Startups begeleiden we met programma’s voor ondernemen en groeien. We zien dat er meer ruimte nodig is om te kunnen ondernemen. Dit gaan we onder andere doen via intensivering en verdichting op bedrijventerreinen. We benutten de ruimte slimmer, ook bij wijkwinkelcentra, en onderzoeken kansen voor een mix aan wonen, voorzieningen en bedrijvigheid. Daarbij geven we ook een kwaliteitsimpuls onder andere door het toevoegen van meer groen.
Uitgangspunten
Van buiten
- We werken samen met Rijk, provincie en de regio om de Brainportregio verder te versterken via het Bestuurlijk Overleg Brainport.
- Beethovenconvenant
Van onszelf
- Het Meerjarenplan 2025-2032 Brainport in Balans en het MRE-samenwerkingsakkoord 2023-2026 In Goede Banen.
- De Regionale Visie Werklocaties MRE 2024.
- We hanteren de huidige beleidsvisies als uitgangspunt: detailhandelsvisie, bedrijventerreinenbeleid, MKB-deal, startupbeleid (The Gate).
Doelstellingen
- Brainport Eindhoven blijft tot de meest economisch sterke regio’s van Nederland horen.
- De verblijfskwaliteit en diversiteit van ondernemerschap in de binnenstad en acht wijkwinkelcentra is verbeterd.
- We pakken drie bedrijventerreinen aan met als doel kwaliteitsverbetering en ruimtewinst.
- Huisvestiging voor startups is substantieel gegroeid.
Dit gaan we doen
- We zetten in op goede samenwerking met de ondernemersverenigingen in wijkwinkelcentra en in de binnenstad. We komen tot samenwerkingsafspraken over onder andere levendigheid en openbare ruimte, eventueel gekoppeld aan hun Bedrijven-investeringszone (BIZ) en zetten de subsidieregeling Kleinschalig Ondernemerschap door. Als laatste fase van de herinrichting van de openbare ruimte in de binnenstad, pakken we de Markt aan.
- We starten met een aanpak voor de kwaliteitsverbetering van ten minste drie bedrijventerreinen op basis van de bestaande kansenkaarten. We doen dit met aandacht voor doorschuiflocaties, inbreiding (door eventuele mix van wonen, voorzieningen en bedrijvigheid) en het creëren van extra ruimte voor de toekomstige vraag voor bedrijfshuisvesting. Altijd in combinatie met verduurzaming en vergroening. Daarbij zijn campussen dé plek voor high-tech bedrijven. Voor de ontwikkeling van Flight Forum komen we met scenario’s. Dit alles doen we in samenwerking met de ondernemersverenigingen. We ondersteunen dit door gebruik te maken van planologische en (nieuwe) financiële maatregelen. We voeden het Toekomstfonds extra als zich kansen voordoen. We zoeken hiervoor ook samenwerking met de provincie.
- We brengen in beeld welke bedrijventerreinen we duurzaam kunnen verbeteren. Zo ontstaat er meer ruimte voor bedrijven op bestaande terreinen. We onderzoeken wat kan en wat dat van ons vraagt.
- Samen met omwonenden, ondernemers en vastgoedeigenaren werken we aan het toekomstperspectief De Hurk.
- We versterken en faciliteren onze campussen. We zetten daarnaast de ingezette strategie voor campusontwikkeling (Grip op Campussen) door, in afstemming met Brainport Development.
- Met overlastgevende bedrijven stippelen we een route uit vanuit het uitgangspunt: verduurzamen, inzet van best beschikbare technieken, of verkennen van een alternatieve locatie.
- We ondersteunen mkb’ers, startups en sociale ondernemers met opgaven voor circulariteit, verduurzaming, digitalisering en toegankelijkheid. Bijvoorbeeld door launching customer te zijn, lokale inkoop te stimuleren en uitvoering te geven aan een Circulair Ambachtscentrum. We continueren het mkb-team.
- We gaan samen met Brainport Development in gesprek over hoe belangrijke technologieën en markten in de regio versterkt kunnen worden, zoals nieuwe sleuteltechnologieën (fotonica) en de inzet op onze OEM’ers (Original Equipment Manufacturers).
- We gaan verder met het programma Snappen of Schrappen en nemen de lessen hieruit mee naar andere domeinen.
Werk en participatie
Iedereen moet mee kunnen doen. Werk is daarbij een belangrijke springplank; het biedt voor veel mensen financiële bestaanszekerheid, structuur, sociale contacten, eigenwaarde en perspectief. Dat onze economie veel werkgelegenheid biedt, is helpend om mensen vanuit de bijstand naar passend werk te kunnen begeleiden. We zetten ons in om meer mensen die nu nog aan de kant staan – met een stimulerende bijstand – aan het werk krijgen. Onder andere door het verlagen van drempels om mee te doen. Dit kan met kleine stappen of grote sprongen. En ook met dagbesteding of vrijwilligerswerk, als betaald werk niet lukt. We stimuleren talentontwikkeling en hebben – naast techniek – ook oog voor de publieke sectoren met personeelstekorten, zoals zorg, onderwijs en de energietransitie.
Uitgangspunten
Van buiten
- Arbeidstekorten in cruciale sectoren en bestaande banenplannen voor zorg, onderwijs, techniek en energietransitie.
- Regionale samenwerking met werkgevers en onderwijs, sterke regionale arbeidsmarktaanpak, werkcentrum en Beethoven Talent.
Van onszelf
- We onderschrijven de ingezette strategische koers van Ergon.
- De Aanpak jeugdwerkeloosheid zetten we door.
- Het Uitvoeringsprogramma Vrijwillig voor elkaar.
- Koers Sociaal (2)040 en bestaande succesvolle pilots Werk & Geld.
- We geven uitvoering aan het Regionaal Educatief Programma 2026-2029.
Doelstellingen
- We verhogen de uitstroom naar duurzaam werk ten opzichte van het bijstandsbestand van 7% in 2024 naar 10% in 2030.
- We gunnen mensen een duurzaam perspectief en willen dat er minder mensen (zowel op duur als op leeftijd) afhankelijk zijn van de bijstand. Het aantal bijstandsgerechtigden per 1.000 inwoners daalt van 35 naar 30.
- Het percentage statushouders met betaald werk stijgt van 35% naar 50% in 2030.
Dit gaan we doen
- We schalen succesvolle pilots voor het helpen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt naar werk op, bijvoorbeeld door jobcarving en inzet van ervaringsdeskundigen. Dit doen we in gezamenlijke verantwoordelijkheid met grote en kleine werkgevers. We maken processen eenvoudiger en sneller en we steunen Ergon als belangrijke partner in inclusief werk.
- We ontwikkelen een aanpak in samenwerking met werkgevers, werknemersverenigingen, het UWV, Ergon, werkcentrum Zuidoost-Brabant en de onderwijsinstellingen om de grote vraag naar werknemers in de tekortsectoren op te vangen. Dit helpt tegelijk om onbenut talent uit de bijstand te halen.
- Internationale werknemers en nieuwkomers verdienen dezelfde kansen op bestaanszekerheid, bescherming en participatie. We zetten in op afspraken met werkgevers en uitzendbureaus over goede arbeidsomstandigheden, begeleiding bij werkverlies en het behouden van onderdak tot een maand na ontslag. We informeren actief over rechten van arbeidsmigranten, het meldpunt arbeidsuitbuiting en meldpunt ondermijning.
- We versnellen de pilots Werk & Geld waarbij mensen met een bijstandsuitkering persoonlijk worden benaderd om aan de slag te gaan met hun talenten, werkervaring op te doen en doen een controle op rechtmatigheid.
- We geven mensen die al twee jaar uit de bijstand zijn en een baan hebben een financiële beloning vergelijkbaar met de eerdere werkbonus na zes maanden. Dit geldt ook voor mensen onder de 27 jaar.
- We werken samen met partners uit het bedrijfsleven en onderwijs aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt, waarin we specifiek aandacht hebben voor de tekortsectoren.
Bestaanszekerheid
Alle Eindhovenaren – van jong tot oud – moeten mee kunnen doen. We zien dat de kloof tussen inwoners die vooruitkomen en inwoners die achterblijven toeneemt. We werken vanuit vertrouwen. Een foutje maakt iemand nog geen fraudeur. We bouwen aan een stad waarin niemand vergeten en iedereen duurzaam perspectief heeft. Werken moet lonen. Dat betekent een soepele overgang van uitkering naar werk of maatschappelijke bijdrage zoals vrijwilligerswerk of aangepast/beschut werk. Als dat niet gaat, is hulp altijd dichtbij. Dit doen we samen met buurtorganisaties, vrijwilligers, bedrijfsleven, maatschappelijke partners en onderwijsinstellingen. Ook zetten we ons in om werkende armen en een armoedeval zoveel mogelijk te voorkomen.
Uitgangspunten
Van buiten
- Het Rijk werkt aan een landelijke oplossing om mondzorg beter toegankelijk te maken voor financieel kwetsbare mensen. We lobbyen voor een goede (financiële) regeling.
- Mondiale en landelijke ontwikkelingen hebben invloed op het besteedbaar inkomen van onze inwoners, dit vraagt wendbaarheid in ons handelen.
Van onszelf
- Met het beleidsplan Een financieel zeker bestaan 2026 is de basis op orde. We werken aan de uitvoering hiervan.
Doelstellingen
- We verhogen jaarlijks het bereik van onze Meedoenbijdrage naar minimaal 90% in 2030.
- De wettelijke wachttijd voor een eerste gesprek over gemeentelijke schuldhulpverlening is maximaal vier weken. In de praktijk doen wij er alles aan om inwoners zo snel mogelijk te ondersteunen. De wachttijd voor spoed- en crisissituaties is maximaal drie werkdagen.
- Een verdubbeling van het aantal mensen dat met hulp van de gemeente duurzaam uitstroomt uit de schulden.
Dit gaan we doen
- We benaderen inwoners actief en zetten in op proactieve dienstverlening. Zo wordt de weg naar de gemeente voor hulp makkelijker en laagdrempeliger. Hulp is ook beschikbaar buiten kantoortijden. We kiezen voor hulp in de wijken, samen met buurt- en vrijwilligersorganisaties.
- We verstevigen de samenwerking voor vroegsignalering met maatschappelijke partners als woningcorporaties en zorgverzekeraars, en met werkgevers via onder meer Financieel Fit binnen Brainport voor Elkaar.
- We borgen bewezen en succesvolle aanpakken voor specifieke doelgroepen, zoals het Jongeren Perspectief Fonds en het Bouwdepot.
- We zetten de huidige minimaregelen door en vereenvoudigen ze. Aanvullend:
- Kennen we de bijdrage – wanneer mogelijk – ambtshalve toe.
- Blijft de Meedoenbijdrage, inclusief gratis met de bus, beschikbaar voor inwoners met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum.
- Verkorten we de wachttijd voor de individuele inkomenstoeslag blijvend van vijf naar vier jaar.
- Blijft mondzorg toegankelijk en verlengen we de huidige regeling met een jaar totdat dit landelijk geregeld is.
- We blijven koplopergemeente bij de Landelijke Pauzeknop om schulden van inwoners te bevriezen wanneer de nood hoog is.
- We verkennen of het opkopen en kwijtschelden van problematische schulden van inwoners met een lage afloscapaciteit, inclusief passende begeleiding naar werk, een investering is die zich terugverdient. Een revolverend fonds is hier onderdeel van.