Klimaat en energie
De klimaat- en biodiversiteitscrisis is een van de grootste uitdagingen van onze tijd. Het tegengaan van klimaatverandering is urgent en noodzakelijk om mens, dier, natuur en milieu te beschermen. Ook in Eindhoven staan we voor aanzienlijke opgaven op het gebied van klimaat, biodiversiteit en energie.
In Eindhoven is klimaatverandering steeds zichtbaarder door hittestress, droogte en wateroverlast. Daarom richten we de ruimte zo in dat we voorbereid zijn op extreem weer. We gaan vervuiling tegen. We nemen maatregelen die écht impact hebben en kiezen voor een rechtvaardige energietransitie. We hebben daarbij oog voor betaalbaarheid, draagkracht en energiearmoede. Als stad van kennis en innovatie kunnen wij als geen ander bijdragen aan slimme oplossingen die wereldwijd een rol spelen in het tegengaan van klimaatverandering. Zo nemen wij verantwoordelijkheid voor zowel de huidige als toekomstige generaties. Dat kunnen we niet alleen, maar doen we samen met inwoners, het bedrijfsleven en onderwijsinstellingen.
Netcongestie is een grote uitdaging de komende jaren. Het heeft grote impact op de realisatie van de woningbouw en voorzieningen, de aanleg van collectieve warmtenetten, verduurzaming, de mobiliteitsopgave en de economie. Ook vanuit geopolitiek perspectief is een betrouwbare en onafhankelijke energievoorziening van groot belang. We zoeken lokaal naar creatieve, slimme en ondernemende oplossingen voor de energietransitie en kijken daarbij ook naar het Rijk en Europa. Dat doen we onder andere met het Stedelijk klimaatcontract samen met Helmond voor de EU-missie Klimaatneutrale en Slimme steden.
Uitgangspunten
Van buiten
- (Inter)nationale wet- en regelgeving, zoals het Klimaatakkoord van Parijs, de Klimaatwet, de Wet collectieve warmte, de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie en het Nationaal klimaatakkoord. Voor de aanpak netcongestie zijn we afhankelijk van Europa, Rijk en de Autoriteit Consument & Markt (ACM).
Van onszelf
- We continueren de uitvoering vanuit Het Klimaatplan III Eindhoven 2026-2030, de Klimaatverordening en het Duurzaamheidspact.
Doelstellingen
- Wateroverlast door extreme regen neemt zichtbaar af daar waar de overlast het grootst is.
- In 2030 zijn alle gemeentelijke gebouwen (de kernportefeuille) CO2-neutraal.
- We halveren in 2030 het gebruik van nieuwe grondstoffen in de stad en we zijn in 2050 volledig circulair.
- Het publiek energiebedrijf ontwikkelen we verder door tot tenminste 10.000 warmte-aansluitingen in 2030.
- Een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen ten opzichte van 1990 met ten minste 55% per 2030 en een vermindering met ten minste 95% per 2050.
- We zetten beleid in om het tussendoel 2040 volgens de Europese klimaatwet te halen. Een reductie van 90% ten opzichte van 1990.
Dit gaan we doen
- We zetten ons in voor een greendeal met de top 10 organisaties en bedrijven met de hoogste uitstoot.
- We zetten in op collectieve warmteoplossingen om wijken aardgasvrij te maken door:
- De twee landelijke proeftuinen ’t Ven-Lievendaal en Generalenbuurt uit te voeren;
- Bij gebiedsontwikkelingen in te zetten op collectieve warmtenetten, waar mogelijk gekoppeld aan aangrenzende bestaande gebieden.
- We maken het gemakkelijk om te kiezen voor duurzaam en circulair. We versterken verzamelpunten met deelspullen en repaircafés, stimuleren initiatieven als het Circulaire Ambachtscentrum en circulaire bedrijven. We kiezen voor biobased, het terugdringen van de indirecte uitstoot en het ondersteunen van de recyclingindustrie.
- We intensiveren onze aanpak tegen energiearmoede.
- We werken aan de uitbreiding van het hulp- en ondersteuningsaanbod bij energiebesparing en bij de te nemen stappen naar een aardgasvrije woning of bedrijfspand. Hierbij werken we samen met woningcorporaties en versnellen EFG-labels versneld uit. Via het Energiehuis en Eindje verduursamen maken we onze subsidieregelingen kenbaar, en stimuleren we bijvoorbeeld het plaatsen van zonnepanelen en vergroenen van het dak. Ook stimuleren we verduurzaming van monumenten door belemmerende regels los te laten. Op zo veel mogelijk daken kiezen we voor combinaties van zon, wind, warmte en groen.
- Omdat het klimaatprobleem niet ophoudt bij de gemeentegrens van Eindhoven verstevigen we onze inzet via een startup/ scaleup-investeringsagenda voor nieuwe initiatieven op dit gebied en zijn we launching customer.
- Wanneer de jaarlijkse emissieplafonds in de gemeentelijke begrotingsprogramma’s niet gerealiseerd worden, lopen we dit in het opvolgende jaar binnen het eigen programma in.
- We ontwikkelen ons publiek energiebedrijf door naar aanbieder van warmte, waterstof en stroom, en streven naar marktconforme tarieven.
- We verstevigen onze aanpak op het handhaven van wet- en regelgeving op de energieprestatie van gebouwen en de energiebesparingsplicht.
- Samen met netbeheerders investeren we in uitbreiding van het elektriciteitsnet en zetten we in op slimme oplossingen om het piekverbruik te verminderen en energiecollectieven op bedrijventerreinen te realiseren.
- We gebruiken het Bestuurlijk Overleg Brainport om samen met het Rijk en de provincie te kijken naar een prioritaire status en oplossingen van de netcongestie in de Brainportregio. Daarnaast nemen we ook lokaal verantwoordelijkheid. Dat doen we door bijvoorbeeld in te zetten op netbewust bouwen, slimme innovaties en collectieve energievoorzieningen.
- We blijven bij Tennet aandringen om de hoogspanningslijnen onder de grond te brengen. Ook kijken we bij de uitbreiding van het bestaande net hoe we de nadelige effecten op de leefomgeving kunnen verminderen.
Mobiliteit
Onze stad hoort goed bereikbaar te zijn, van buitenaf én in de stad zelf, voor voetgangers, fietsers, automobilisten, openbaar vervoer en logistiek verkeer. Mobiliteit draagt bij aan een leefbare stad en sterke regio. Het gaat over hoe mensen met elkaar verbonden zijn en over de ruimte om te gaan en te staan waar en hoe je dat wilt. Het uitgangspunt is ‘omgaand verkeer’ in plaats van ‘doorgaand verkeer’. Zo wordt het centrum rustiger, veiliger en gezonder en ontlasten we de hele stad. We houden de stad en de voorzieningen bereikbaar en er ontstaat meer ruimte voor groen en ontmoeting. De mobiliteitstransitie draagt ook bij aan het behalen van onze klimaatdoelen en zorgt voor een schonere en gezondere lucht. Bij al onze plannen hebben we extra aandacht voor de toegankelijkheid voor mensen met een handicap en de toenemende groep ouderen.
In de vorige bestuursperiode zijn belangrijke besluiten genomen over ons vervoer en hoe we ons verplaatsen. We gaan door met de uitvoering van deze plannen. We werken samen met de provincie en het Rijk aan grote projecten voor infrastructuur zoals treinstations, spooruitbreiding, stationsgebouw, nieuw busstation, HOV-routes, fietspaden en wegen, onder meer via de Brainportdeal en het Beethovenconvenant. We investeren fors in de Ring en de radialen om het verkeer beter te laten doorstromen, met kleine en grote maatregelen. En we starten met de invoering van de sectorgrenzen. We maken een ‘treintje’ van mobiliteitsprojecten in uitvoering en voorbereiding en we houden tijdens de realisatie goed in de gaten of ze in samenhang werken. Zo nodig sturen we bij. We versnellen als zich kansen voordoen bij onder andere bouwprojecten, en vertragen en/of passen plannen aan als het systeem vastloopt.
We stimuleren het wandelen, fietsen en het gebruik van het OV. Daarom investeren we in goed openbaar vervoer, zodat bus en trein echt een betrouwbaar alternatief worden. De bus moet in de stad dichtbij, betaalbaar en toegankelijk zijn, met goede verbindingen naar alle wijken, werk, scholen en evenementen. We zorgen voor vrijliggende fiets- en wandelroutes naar het centrum en tussen wijken onderling, met voldoende plekken om fietsen te parkeren. Daarnaast geven we ruimte aan verschillende vormen van deelmobiliteit, netjes en veilig geregeld. We maken wijken veiliger door de snelheid te verlagen naar 30 km/uur en we realiseren samen met bewoners creatieve en tijdelijke maatregelen vooruitlopend op definitieve aanpassingen. Zo zien we snel wat werkt en kunnen we pragmatisch versnellen. Door de alternatieven aantrekkelijker, makkelijker en logischer te maken, stimuleren we mensen om vaker te kiezen voor een alternatief voor de auto. Stap voor stap wordt de stad zo veiliger, schoner en voor iedereen toegankelijk.
Uitgangspunten
Van buiten
- Eindhoven en de Brainportregio zijn van internationale betekenis. Dit vraagt samenwerking op de opgaven en investeringen van Rijk, Europa en provincie.
- Netcongestie en stikstofproblematiek hebben invloed op de realisatie van mobiliteitsmaatregelen.
- Een zero-emissiezone voor personenauto’s is afhankelijk van wettelijke mogelijkheden. Onze inzet hierbij is de vastgestelde routekaart.
- De provincie is bevoegd gezag voor de OV-concessie in 2029.
Van onszelf
- Onze stip op de horizon is het vastgestelde Masterplan Mobiliteit 2050 Wij gaan vooruit.
- We houden vast aan het de maatregelen in het raadsvoorstel en uitvoeringsprogramma Mobiliteit in Balans, met daarin de onderdelen Verkeerscirculatieplan (VCP) binnen de Ring, Verbeterplan en investeringspakket voor de Ring, snelheidsverlaging en fietsmaatregelen.
- De position paper De Eindhovense ambitie voor de OV-concessie 2029-2039 uit 2024 is onze basis.
- We hanteren het ontwerpprincipe STROMP (eerst Stappen, dan Trappen, Rollen, Openbaar vervoer, Mobiliteitsdiensten en tenslotte de Privéauto) voor de inrichting van onze stad.
- Het Handboek Toegankelijkheid openbare ruimte.
Doelstellingen
- Het OV als goed alternatief door meer treinverbindingen en door de bus die dichtbij, frequent en betaalbaar is. Het aantal reizigers met de bus per dag gaat van 40.000 in 2025 naar 50.000 in 2030. En de tevredenheid met het busvervoer gaat omhoog van een 6,8 naar een 7,5.
- Het aantal fietsbewegingen neemt toe met ten minste 20% en de waardering voor de voetgangersvriendelijkheid stijgt van een 7,4 naar een 8 in 2030.
- Het aantal verkeersslachtoffers moet flink omlaag.
- De doorstroming van gemotoriseerd vervoer op de belangrijke toegangswegen (de Ring en de radialen) is verbeterd.
Dit gaan we doen
Voetganger en fiets
1. We maken en onderhouden veilige en barrière-vrije voet- en fietspaden door:
- het uitvoeren van Actiepakket I & II, zoals de doorfietsroute Best en de ongelijkvloerse kruising Floraplein en het afronden van de fiets Top-24 uit 2024 inclusief de Missing Links;
- het realiseren van twintig groene speelstraten bij scholen en sportvoorzieningen.
2. We realiseren minimaal drie geplande bewaakte fietsparkeervoorzieningen in het centrum, hanteren ruimere openingstijden en plaatsen uiterlijk in 2028 2.500 extra openbare fietsparkeerplekken op straat.
Openbaar vervoer
3. We investeren in een OV-concessie die meegroeit met de stad, waarbij het concept Brainportlijn niet ten koste gaat van busverbindingen in wijken en regio. We zorgen voor frequente busverbindingen in de stad en in de wijken. Dit doen we samen met de provincie. En we onderzoeken hoe we in de toekomst meer sturing en zeggenschap over hoogwaardig en nieuwe vormen van openbaar vervoer kunnen krijgen.
4. We voeren een experiment ‘gratis of zwaar gereduceerd met de bus’ uit en monitoren de effecten daarvan nauwgezet.
5. We maken met organisatoren van voetbalwedstrijden en evenementen afspraken om OV en aansluiting op P&R in het toegangsbewijs op te nemen.
6. We gaan in gesprek met inwoners van Tongelre over de gevolgen van het groeiende treinverkeer en wat voor hen nodig is.
7. We zetten ons maximaal in voor investeringen voor nieuwe projecten en reële indexatieafspraken op de lopende projecten bij het Rijk, onder andere voor uitbreiding spoor, ongelijkvloerse kruising Tongelre, treinstation Noordwest, treinstation Tongelre.
8. We realiseren vier mobiliteitshubs (P&R’s/Park & Bikes) met goede aansluiting op de bus en deelmobiliteit, verspreid aan de randen van de stad.
Deelmobiliteit
9. We breiden de mogelijkheden van deelmobiliteit uit, zowel in het centrum als in de wijken. We pakken op korte termijn de verrommeling van de openbare ruimte aan door minimaal 500 verzamelplekken en buurthubs te realiseren. We maken afspraken met de aanbieder en handhaven hierop.
10. We ondersteunen buurtinitiatieven op het gebied van deelauto’s.
Auto
11. Voor het verbeteren van de doorstroming op de Ring en de radialen hebben we:
- de ongelijkvloerse kruising met de Karel de Grotelaan gerealiseerd;
- de kruising met de Fuutlaan gerealiseerd;
- de aanbesteding gestart van groot onderhoud of vervanging van het Strijps Bultje;
- een raadsbesluit voor de ongelijkvloerse kruising met de Geldropseweg;
- een uitbreiding van de groene golf op de Ring en radialen bekeken;
- een start gemaakt met studies en eventuele participatie voor de ongelijkvloerse kruisingen St. Bonifaciuslaan en Kloosterdreef. We kijken hierbij naar versnelling, omdat het ook kansen biedt voor eerdere invoering van meer sectorgrenzen.
12. Voor de leefbaarheid van het centrum en de wijken binnen de Ring sluiten we deze periode de sectorgrens Gender en de sectorgrens Dommel. Deze worden ingevoerd na het uitvoeren van een praktijktoets en we monitoren het effect.
13. Het parkeerbeleid kan voor diverse doelen ingesteld worden. Belangrijke doelen zijn de mobiliteitstransitie en het verdelen van schaarse ruimte. Dit speelt nadrukkelijk binnen de Ring. Op andere plekken waar parkeeroverlast is of dreigt te komen, kijken we in overleg met de bewoners hoe we de overlast kunnen verminderen en de wijk leefbaar kunnen houden, bijvoorbeeld door regulering met maatwerk.
14. Parkeerplaatsen nemen veel openbare ruimte in en inpandige parkeerplaatsen maken nieuw te bouwen woningen duurder. Dat werkt vertragend op de woningbouw. Het uitgangspunt is dat ontwikkelaars het parkeren zelf oplossen. We verkennen een publiek mobiliteitsbedrijf. Door collectieve wijkparkeervoorzieningen te maken in combinatie met parkeerregulering in de omgeving, ontstaat er ruimte in de wijken voor fijne, verkeersveilige straten en worden nieuwe woningen goedkoper. Belangrijk onderdeel van deze aanpak is een positieve draagvlakmeting vooraf en bijpassende tarieven.
15. Wij geven uitvoering aan de afspraken over de A2/N2 en de A58. We pleiten daarnaast voor versnelling van de afspraken over de A67. Voor de noordoostkant starten we de komende periode met het vervolg van de MIRT-studie. We nemen zowel korte- als middellange-termijnoplossingen mee. Daarbij houden we oog voor de natuurwaarden en zetten in op nieuwe infrastructurele oplossingen op, rond of onder bestaande tracés. Daarnaast blijven wij gelijktijdig regionaal inzetten op een mobiliteitstransitie, werkgeversaanpak en het verbeteren van onze bestaande infrastructuur. Er is politiek onvoldoende draagvlak voor oude discussies over de Ruit (groot of klein).
Eindhoven Airport
Het is van belang dat onze internationaal georiënteerde regio goed bereikbaar is. Naast goede internationale treinverbindingen speelt Eindhoven Airport hier een belangrijke rol in. Dat verdient een duurzaam perspectief. Het is noodzakelijk dat Eindhoven Airport zich blijvend inzet om een positievere impact op het klimaat en de leefomgeving te hebben. We willen dat de luchthaven aantoonbaar stiller en schoner wordt. Naast de sturing op geluid willen we dat Eindhoven Airport ook een voortrekkersrol heeft op reductie van CO2-uitstoot op de grond en in de lucht.
Uitgangspunten
Van buiten
- Het Luchthavenbesluit wordt afgegeven door het Rijk als het bevoegd gezag.
- Er is nationaal beleid over vermindering van de CO2-uitstoot door luchtvaart – verankerd in de Luchtvaartnota 2020-2050 – waarin stapsgewijs richting 2070 de CO2-uitstoot nul moet zijn.
- We houden vast aan het advies Van Geel Ontwikkeling Eindhoven Airport 2020-2030.
- Het Rijk is – na de rechtelijke uitspraak – nu aan zet om te besluiten over de natuurvergunning voor Eindhoven Airport.
Van onszelf
- Wij gebruiken onze positie als aandeelhouder en deelnemer aan het Luchthaven Eindhoven Overleg (LEO) om de strategische koers over het vliegveld te beïnvloeden. Wij vinden het ongewenst dat er onzekerheid is over de niet verstrekte natuurvergunning en verwachten dat het Rijk dit snel oplost.
Doelstellingen
- Voor de periode na 2030 zetten we in op een verdere afname van de geluidsoverlast en een stapsgewijs reductiepad op CO2-uitstoot in relatie tot de landelijke doelstellingen uit het Akkoord Duurzame Luchtvaart 2019 verankerd in de nationale Luchtvaartnota 2020-2050. Op het moment dat de resultaten onder het reductiepad uitkomen – zowel voor geluid als voor CO2 – dan ontstaat er ruimte voor extra vluchten tot aan het reductiepad. Bij het niet behalen van de doelstellingen zetten wij in op aanvullende maatregelen, zoals minder vluchten of aangepaste openingstijden.
Dit gaan we doen
- We komen samen met partners tot een medegebruiksvergunning 2028-2030, met een doorkijk naar 2035 waarin de afspraken rondom onder andere geluid en CO2 een plek krijgen.
- We stimuleren onderzoek naar verduurzaming en elektrisch vliegen, samen met innovatieve partners in de regio.
- We zetten ons ervoor in dat de beoogde uitstootreductie van Eindhoven Airport wordt behaald met duurzamere brandstof in plaats van het kopen van CO2-certificaten.
Openbare ruimte, groen en water
De openbare ruimte is de huiskamer van Eindhoven. Onze straten, pleinen en parken zijn de plek waar mensen elkaar ontmoeten, waar kinderen spelen, en waar ruimte is voor sport en bewegen. We bouwen aan een gezonde, groene stad waar alle Eindhovenaren beter en langer leven. Onze omgeving is van mens én dier, daarom beschermen we ook de natuurlijke leefomgeving van dieren.
De groene hoofdstructuur is leidend voor een gezonde ontwikkeling van de stad. We geven een forse impuls aan onze groenarme wijken en aan het gebied binnen de Ring. We richten de openbare ruimte toegankelijk en veilig in, met ook aandacht voor buurt- en wijkwinkelcentra. Bestaand groen wordt beter onderhouden en versterkt, versteende straten en pleinen worden vergroend, met nadruk op kwaliteit en volwaardige parken en verblijfsplekken. Voldoende rustplekken en bankjes, schaduwplekken en overzichtelijke straten – overdag en ’s nachts – dragen bij aan een inclusieve stad. Per wijk kijken we wat nodig is, passend bij de eigen identiteit en in samenwerking met inwoners en ondernemers.
Onze natuur, groen en water vormen daarbij een belangrijke basis: ze zijn goed voor gezondheid, welzijn en biodiversiteit. Vergroening speelt een belangrijke rol in het omgaan met klimaatverandering. We zetten ons in om een stad te worden die goed bestand is tegen extreem weer, zoals overmatige regenval en extreme hitte. We combineren functionaliteit met klimaatadaptatie. Iedereen heeft een aandeel in het schoon, heel en veilig houden van de openbare ruimte. Afval op straat en naast containers zorgt voor ergernis. Een opgeruimde openbare ruimte is niet alleen een visitekaartje. Het is een basis om er fijn te kunnen wonen en je er thuis te voelen.
Uitgangspunten
Van buiten
- Volgens de Omgevingswet moeten we voldoen aan een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en moeten we wateroverlast en schade zoveel mogelijk voorkomen.
- Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie, Kaderrichtlijn Water en de Natuurherstelverordening met als doel dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust is.
Van onszelf
- Het nieuwe Omgevingsprogramma klimaatadaptatie (najaar 2026) vervangt het beleid Water- en Klimaatadaptatie Aanpak 2023-2026, Groenbeleidsplan 2017, Plan van Aanpak Biodiversiteit en Beleidsregel groen en water.
- We werken volgens de Leidraad openbare ruimte 2023, het Groenplan Centrum, de aanpak Vergroenen Groenarme buurten en het Beheerkader groen.
- Programma Gezonde leefomgeving 2026-2035.
Doelstellingen
- Het aandeel inwoners dat tevreden is over de inrichting van de openbare ruimte neemt toe van 69% in 2025 naar 75% in 2030.
- Het aandeel Eindhovenaren dat tevreden is met de hoeveelheid groen in de eigen buurt neemt toe van 74% in 2025 naar 80% in 2030.
- In 2030 heeft elke Eindhovenaar op vijf minuten loopafstand een groene en/of koele verblijfsplek.
- De vitaliteit van het openbaar groen stijgt van 75% in 2026 naar 90% in 2030.
- Aantoonbare gezondheidswinst door drie gezonde jaren erbij voor inwoners voor 2030.
- 20% minder gezondheidsverschillen tussen gebieden in de stad.
Dit gaan we doen
- We vergroenen minimaal vijftig straten en tien pleinen, verspreid over alle wijken, inclusief de wateropgave. We onderhouden groenperken in de wijken en het groen tussen stenen in de openbare ruimte vaker en zorgvuldiger. We werken aan twee nieuwe parken binnen de Ring en we verbinden parken zoals de Wielewaal en het Philips van Lenneppark aan elkaar.
- We maken buurt- en wijkwinkelcentra aantrekkelijker door er jaarlijks minimaal drie te vergroenen, de openbare ruimte kwalitatief in te richten en straatmeubilair te vervangen.
- Begin 2030 zijn er minimaal twintig groene plekken en speelplekken voorzien van nieuwe verlichting, meubilair en met aandacht voor andere nodige voorzieningen waaronder openbare toiletten. In elk stadsdeel sowieso één per jaar. We plaatsen meer prullenbakken op drukke plekken voor onder andere hondenpoep en zwerfafval.
- We stellen met inwoners wijkgroenagenda’s op en verbinden deze aan de stadsdeelplannen. Daarin kijken we ook naar het ontharden van parkeerplaatsen, speelplekken en pleinen.
- We stimuleren de vergroening van ten minste tien schoolpleinen, in samenspraak met scholen. We zoeken waar mogelijk aansluiting bij de geplande verbouwingen van de schoolgebouwen.
- We brengen de BuitenBeter-app actief onder de aandacht bij onze inwoners en bij een melding kijken we breder in de omgeving wat er nog meer nodig is. We zetten het flexibel onderhoudsteam ook in de wijken in.
- In 2026 herijken wij ons dierenwelzijnsbeleid.
- We versterken de biodiversiteit in de stad.
- We zetten onze afvalstrategie die we afgelopen jaren hebben ingezet door. Samen met CURE kijken we naar meer hergebruik, scheiden van afval en recycling, en naar mogelijkheden om afvalkosten laag te houden voor onze inwoners.
- We zetten in op gedragsverandering, stimuleren initiatieven van inwoners voor een schone en leefbare stad, pakken vervuiling aan en handhaven strenger op bijzetafval.
Sport en bewegen
Een gezonde en sociale stad maken we samen. We werken daarom aan een vitale stad waarin sport en bewegen breed toegankelijk zijn en bijdragen aan gezondheid en verbinding. Investeren in sport is investeren in de toekomst van Eindhoven. We creëren aantrekkelijke, veilige en inclusieve sport-, spel- en beweegplekken in de openbare ruimte. Zo komt iedereen in beweging – ook wie sport minder vanzelfsprekend vindt.
Sport verbindt en brengt mensen samen. Onze verenigingen en vrijwilligers zijn daarin onmisbaar. Daarom investeren we in de breedtesport en halen we topsportevenementen naar Eindhoven die inwoners inspireren en samenbrengen. Zo zetten we koers naar een stad waarin iedereen op zijn manier kan genieten van sport en waarin bewegen een vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijks leven is.
Uitgangspunten
Van buiten
- Het is nog onduidelijk hoe de middelen die vervallen uit het Landelijk Sportakkoord terugkomen en wat dit betekent voor de subsidiemogelijkheden voor de gemeente.
Van onszelf
- We bouwen door op het al bestaande vrijwilligersbeleid.
- De Sport- en beweegvisie Heel Eindhoven beweegt! 2021-2025 blijft onze leidraad. Het omgevingsprogramma Stedelijke en Maatschappelijke Voorzieningen en de Doorkijk sport tot 2040 geven richting aan het benodigde groeiende sportaanbod.
- Onze sportaccommodaties zijn duurzaam en toekomstbestendig in lijn met het Klimaatplan.
Doelstellingen
- We halveren de gemiddelde wachttijd voor de sportverenigingen.
- De tevredenheid van sport- en beweegvoorzieningen in de openbare ruimte stijgt van 47% in 2024 naar 60% in 2030.
- Alle kinderen verlaten de basisschool met een zwemdiploma.
- Het aandeel vitale sportverenigingen stijgt van 63% in 2025 naar 75% in 2030.
Dit gaan we doen
- We benutten bestaande sportvelden zo efficiënt mogelijk en monitoren dit. We zetten minimaal 10 velden om naar kunstgras en we gebruiken sportfaciliteiten multifunctioneel.
- We investeren in nieuwe sportvelden en -voorzieningen die inspelen op veranderende behoeften, zoals cricket en e-sports.
- We vullen het huidige Uitvoeringsprogramma voor Spelen en sporten in de openbare ruimte aan voor sportvoorzieningen in de openbare ruimte. Doel is voor iedereen een sport- of beweegplek binnen 10 minuten. In deze periode realiseren we 15 voorzieningen (zoals sport-, speel- of beweegtuinen en hardloop- en beweegroutes) met watertappunten. Dit doen we in samenspraak met en naar behoefte van de wijk.
- We zetten het Volwassenenfonds door, zodat volwassenen met een laag inkomen kunnen blijven sporten.
- We zetten in op evenementen voor inclusieve sporten (zoals rolstoelsport) en reserveren hiervoor een deel van de subsidie niet‑strategische sporten.
- We zetten in op het verkorten van wachttijden voor zwemlessen voor kinderen en volwassenen. We benutten het bestaande zwemwater efficiënt en investeren in voldoende capaciteit.
- We verduurzamen sportaccommodaties en -velden met behoud van sportkwaliteit. Nieuwe voorzieningen realiseren we zo duurzaam en klimaatadaptief mogelijk, met ruimte voor innovaties zoals velden met warmtecollectoren gekoppeld aan gebiedsontwikkelingen.
- We ondersteunen verenigingen bij vragen rond vrijwilligers, leden, bestuur en een veilig sportklimaat. En we zetten een buddysysteem op waarmee zij elkaar kunnen helpen. We borgen de verplichte basisnormen voor sociale veiligheid, zoals ondersteuning bij VOG-aanvragen en het opstellen van gedragscodes.
- We laten de huur van sportaccommodaties niet harder stijgen dan de inflatie, zodat lidmaatschappen betaalbaar blijven.
Cultuur, design en erfgoed
Eindhoven is een stad van technologie, design en kennis. Een stad van makers, waar ideeën ontstaan, ontwerp en experiment samenkomen en waar cultuur de stad een ziel geeft. Cultuur draagt bij aan een stad waar mensen zich thuis voelen. Het biedt ontspanning en verbindt mensen. Van podiumkunsten tot beeldende kunst en van carnaval tot vernieuwende subculturen, van amateurgezelschap tot Rijksmuseum: samen vormen zij het rijke culturele weefsel dat Eindhoven bijzonder maakt. We dragen eraan bij dat de stad en wijken dit zichtbaar uitstralen. Het is niet alleen iets van bepaalde stadsdelen zoals het centrum, maar voor alle Eindhovenaren toegankelijk en beschikbaar. We behouden en onderhouden ons erfgoed, bestaande tradities zoals de scouting en de gildes, en maken de Eindhovense geschiedenis beter zichtbaar. We koesteren de rauwe rafelranden van de stad, omdat juist daar de bewegingen ontstaan die Eindhoven vooruitbrengen.
Wij vergroten de impact van design en cultuur onder andere door te stimuleren dat het culturele aanbod doorgroeit naar het niveau dat past bij onze (inter)nationale positie. We verhogen ons cultuurbudget, zorgen voor betaalbare culturele ruimten en investeren in design, talentontwikkeling en de nachtcultuur. Dit doen we samen met onze makers, culturele instellingen, Stichting Cultuur Eindhoven en Design Development Eindhoven.
Uitgangspunten
Van buiten
- Uitgangspunten voor de cultuursubsidies ten behoeve van de landelijke culturele basisinfrastructuur voor de periode 2025-2028.
- De Erfgoedwet.
Van onszelf
- De Erfgoedagenda 2023-2026 continueren we met een uitvoeringsprogramma.
- Met de Intentieverklaring voor samenwerking over ontwikkeling, bouw en exploitatie van het Rijksmuseum Eindhoven, en het amendement Komst Rijksmuseum hoort cultuursector te versterken, is het Rijksmuseum een verrijking voor de culturele sector.
- We gaan uit van bestaand beleid en plannen, waaronder Sharing the Vibes: Visie op een bruisend Eindhoven, Cultuurbrief 2025-2028, Beleidsplan Van Abbemuseum 2025-2028 De Tijd Vooruit, actieplan Cultuur in de wijk, Uitvoeringsagenda Erfgoed, Omgevingsprogramma Stedelijke en maatschappelijke voorzieningen.
Doelstellingen
- Het aantal inwoners dat deelneemt aan of bezoeker is van kunst, muziek, theater en creatieve activiteiten stijgt van 83% in 2025 naar 90% in 2030.
- Meer culturele programmering buiten het centrum, in de wijken.
- Het oppervlak betaalbare culturele ruimtes stijgt substantieel.
- Het aantal initiatieven in de nachtcultuur neemt toe.
- De waardering voor het aanwezige erfgoed in de stad stijgt van een 7,2 naar een 7,5 in 2030.
Dit gaan we doen
- We verhogen ons cultuurbudget deze periode stapsgewijs naar het niveau van de grote steden. We kijken naar uitdagingen van bestaande culturele instellingen en investeren niet alleen in grote instellingen en evenementen, maar ook in makers, amateurkunst, bibliotheken, culturele ontmoetingsplekken en cultuur in de wijken.
- We versterken ons creatieve ecosysteem, waar makers, kunstenaars, ontwerpers en culturele ondernemers de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen en in de stad te kunnen blijven.
- We faciliteren ook de komst van het Rijksmuseum in samenhang met versterking van het bestaande culturele ecosysteem, zowel inhoudelijk als financieel. We sparen waar nodig hiervoor via onze strategische investeringen, altijd in balans met culturele budgetten. We onderzoeken slimme koppelingen.
- We kopen en beheren waar nodig zelf vastgoed voor betaalbare creatieve werkplekken en broedplaatsen. We zorgen voor lage huurtarieven voor een bepaalde tijd. Hiermee stimuleren we ondernemerschap en blijft er ruimte beschikbaar voor starters.
- We komen – in samenwerking met Stichting Cultuur Eindhoven – met een fonds voor makers met aandacht voor het stimuleren van ondernemerschap.
- Uiterlijk Q1 2027 hebben we een nieuwe cultuurvisie 2040, in samenhang met het IHP Cultuur. Deze heeft aandacht voor cultuur in de wijken, werkruimtes en financiering.
- We geven de nachtcultuur een impuls en versterken de samenwerking met het Nachtcollectief. We gaan door met de Nachtambassade.
- Met het invoeren van een brede stadspas geven we ook een impuls aan deelname aan onder andere culturele en sportieve activiteiten.
- We werken aan een toekomstbestendig plan voor de centrale bibliotheek.
- We pakken kansen voor effectiever gebruik van bestaande buurthuizen, scholen, wijkpodia, bibliotopen, wijkcentra en andere ontmoetingsplekken. Zo kunnen deze vaker gebruikt worden voor bijvoorbeeld cursussen, exposities, lezingen en cultuureducatie.
- We plaatsen de komende vier jaar 50 erfgoedbordjes, we wijzen extra gemeentelijke monumenten aan en we stimuleren herstel van historische gevels in de binnenstad.
- We kiezen voor een functioneel opslagdepot dat voldoet aan de wettelijke basisnormen.