Verordening bomen 2021

Ontwerp Raadsbesluit tot vaststelling van de Bomenverordening 2021

De raad van de gemeente Eindhoven; gelezen het voorstel van college van burgemeester en wethouders van ……2020; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, besluit de volgende verordening vast te stellen:

Verordening bomen 2021

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt (mede) verstaan onder:

boom:

a. Een houtig opgaand gewas zowel levend als afgestorven met een omtrek van de stam van minimaal 45 centimeter (ca. 15 centimeter in diameter) gemeten op 130 centimeter hoogte boven het maaiveld;
b. In geval van 'meerstammigheid' geldt de stamomtrek van de dikste stam;

groene kaart: De informatieve kaart waarop het volgende is aangegeven: groenstructuur van de gemeente Eindhoven, groenarme gebieden, centrumgebied, bebouwde komgrens Wet natuurbescherming, (Particuliere) percelen groter dan 250 m2;

houtopstand:  Eén of meer bomen of boomvormers of andere houtachtige gewassen;

Wet Natuurbescherming: De Wet natuurbescherming is de Nederlandse wet die de bescherming van natuurgebieden, soorten en bos regelt. De wet is vanaf 1 januari 2017 van kracht. De wet vervangt drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en Faunawet. 

kappen: Rooien of verplanten; het snoeien van meer dan 20 procent van de kroon of het wortelgestel, met inbegrip van een eerste keer kandelaberen.

Artikel 2 Omgevingsvergunning

  1. Voor het kappen van een houtopstand is in de volgende gevallen een omgevingsvergunning vereist:
  • bomen vanaf 45 cm. stamomtrek op gemeentegrond of op particuliere percelen groter dan 250 m2;
  • een houtopstand die voor de eerste keer wordt teruggesnoeid tot op de hoofdtakken of stam (gekandelaberd);
  • een houtopstand, ongeacht de stamomtrek, die is aangelegd op grond van een herplant-, compensatie en/of instandhoudingsplicht op grond van artikel 5 of een overeenkomst met het college;
  1. het voorhanden of in voorraad hebben dan wel het vervoeren van een gekapte houtopstand of delen ervan met een plantenziekte voor zover deze plantenziekte zich kan verspreiden. In afwijking van het eerste lid is een vergunning niet nodig voor:
  • een houtopstand die wordt gekapt op basis van de Plantenziektewet
  • een aanschrijving van het college;
  • het uitvoeren van de volgende beheer- en onderhoudsmaatregelen:
  • Het periodiek oogsten van hakhout voor regulier onderhoud;
  • Het verrichten van snoeiwerkzaamheden aan een houtopstand met achterstallig onderhoud;
  • Het dunnen van de houtopstand;
  • Het periodiek scheren, knotten of kandelaberen (met uitzondering van de eerste keer kandelaberen) als noodzakelijke beheermaatregel bij vormbomen voor regulier onderhoud;
  • een houtopstand beschermd op basis paragraaf 4.1 Wet natuurbescherming (Wnb);
  • een houtopstand met een levensverwachting kleiner dan 5 jaar aangetoond door middel van een boomonderzoek door een ter zake deskundige.
  1. De burgemeester kan als een beschermde houtopstand direct gevaar oplevert of bij een vergelijkbaar of ander spoedeisend belang besluiten tot noodkap. Dit geldt zowel voor houtopstanden in particulier-als in gemeentelijk eigendom. Een dergelijk besluit wordt zo spoedig mogelijk bekend gemaakt aan belanghebbenden. Achteraf wordt alsnog vergunning met eventuele compensatieplicht verleend.
  2. Een beschermde houtopstand als bedoeld in het derde lid is een gemeentelijke of particuliere boom of houtopstand met een stamomtrek van 45 cm of meer, gemeten op een hoogte van 1.30 meter boven maaiveld met een levensverwachting die groter is dan 5 jaar op een perceel groter dan 250 m2.
  3. Het college stelt Nadere regels vast over het opleggen van compensatie.

Artikel 3 Groene kaart

Er is een groene kaart waarop ter informatie het volgende is aangegeven:

  • Groenstructuur;
  • Groenarme gebieden;
  • Centrumgebied;
  • Bebouwde komgrens Wet natuurbescherming (Wnb);
  • (Particuliere) percelen groter dan 250 m2.

Artikel 4 Plantenziekte

  1. Als zich op een terrein een houtopstand bevindt, die naar het oordeel van het college het gevaar oplevert voor verspreiding van een plantenziekte of voor vermeerdering van de ziekteverspreiders, zoals insecten, is de rechthebbende na een aanschrijving daartoe van het college , verplicht binnen de bij aanschrijving gestelde termijn:
  • de houtopstand te kappen;
  • conform de aangegeven richtlijnen de gekapte houtopstand direct zodanig te behandelen dat verspreiding van de plantenziekte wordt voorkomen conform de instructie in de aanschrijving.

Artikel 5 Beoordelingsregels

  1. Het college kan aan een omgevingsvergunning ten behoeve van kap, vergunningvoorschriften en beperkingen verbinden. Hiertoe kunnen behoren:
    a. Een compensatieplicht als bedoeld in de nadere regels bij deze verordening;
    b. Een voorschrift, dat pas gekapt mag worden indien andere ontheffingen, vergunningen, toestemmingen of ruimtelijke procedures onherroepelijk geworden zijn en de feitelijke en financiële voortgang van de werken voldoende gewaarborgd is;
    c. Een voorschrift in het kader van de Wet natuurbescherming (bebouwde komgrens Wet natuurbescherming).
  2. Een vergunning wordt geweigerd als de belangen van verwijdering van de houtopstand niet opwegen tegen de belangen van behoud van de houtopstand op basis van één of meer van de volgende intrinsieke waarden:
    a. Natuurwaarde;
    b. Landschappelijke waarde;
    c. Cultuurhistorische waarde;
    d. Waarde van stads- en dorpsschoon;
    e. Waarde voor de leefbaarheid;
    f. Beeldbepalende waarde;
    g. Productiewaarde (verbetert de arbeidsproductiviteit, maakt productie mogelijk, ook van energie);
    h. Het belang van klimaatadaptatie.
  3. Een vergunning voor het kappen van een monumentale bomen kan worden geweigerd indien een zwaarwegend maatschappelijk belang niet zwaarder weegt dan duurzaam behoud van de monumentale bomen en geen alternatief voorhanden is;
  4. Een vergunning voor het kappen van waardevolle bomen kan worden geweigerd indien een maatschappelijk belang niet zwaarder weegt dan het duurzaam behoud van de waardevolle bomen en geen alternatief voorhanden is;
  5. Een vergunning voor het kappen of snoeien van houtopstanden voor het plaatsen of de belichting van zonnepanelen en zonnecollectoren wordt geweigerd.

Artikel 6 Aanvraag omgevingsvergunning

  1. Bij de aanvraag van een vergunning voor het kappen van een houtopstand moeten de volgende gegevens en bescheiden worden verstrekt
    a. Oude en nieuwe situatietekening (incl. compensatieplan) aangevuld met foto’s;b. Redenen en /of argumentatie waarom kappen gewenst/noodzakelijk is en alternatieven voor behoud van de houtopstand niet voorhanden zijn;
  2. In geval van compensatie dienen naast de gegevens en bescheiden als genoemd in het eerste lid, tevens te worden verstrekt:
    a. een Boomonderzoek inclusief bepaalde boomwaarde bepaald door een boomdeskundige;
    b. een Boom Effect Analyse (BEA) opgesteld door een boomdeskundige in geval de gewenste kap het gevolg is van een voorgenomen bouw van een opstal, infrastructureel werk, werkzaamheden kabels en leidingen of vergelijkbare activiteiten;
    c. een tekening van de bouwplaats inrichting in geval van een infrastructureel werk;
    d. een overzicht van de overige (aangevraagde) vergunningen onderdelen, ontheffingen of toestemmingen die nodig zijn voor de realisatie van een project;
    e. compensatieplan inclusief eventueel benodigde groeiplaatsverbetering, inzicht in zowel de fysieke als financiële compensatie van de te kappen houtopstand op basis van de waarde van de houtopstand, waarbij in geval van financiële compensatie is aangetoond, dat fysieke compensatie niet mogelijk is op locatie.
  3. Bij verwijdering van een monumentale boom of, een waardevolle houtopstand moet bij de aanvraag ook worden verstrekt:
  4. een motivatie waarom er sprake van een zwaarwegend maatschappelijk respectievelijk maatschappelijk belang;
  5. een onderbouwing van het ontbreken van alternatieven, waarmee het verwijderen van de houtopstand zou kunnen worden voorkomen.

Artikel 7 Intrekken of wijzigen omgevingsvergunning

De verleende vergunning kan worden ingetrokken of gewijzigd als:

  1. onjuiste of onvolledige gegevens ter verkrijging van de vergunning zijn verstrekt;
  2. sprake is van verandering van inzichten of omstandigheden na verlening.

Artikel 8 Bescherming van houtsopstanden

  1. Het is verboden om houtopstanden in eigendom van de gemeente:
    a. te beschadigen, te bekladden, te beplakken of te behangen met voorwerpen. op voorhand met de evenementenorganisatie Eindhoven 24/7 een contract is afgesloten en ondertekend;
    b. te snoeien, met uitzondering van door de gemeente opgedragen of toegestane boomverzorgende taken.
  2. Van het verbod als bedoeld in het eerste lid zijn sfeer verhogende objecten uitgezonderd, voor zover deze worden aangebracht op basis van een door het college geaccordeerde overeenkomst.

Artikel 9 Afstand tot de erfgrenslijn

In geval van publiek eigendom van de grond is de plantafstand tot de erfgrenslijn voor zowel bomen als heesters vastgesteld op nihil.

 

Artikel 10 Handhaving

1.   Als de houtopstand waarvoor op basis van deze verordening een omgevingsvergunning is vereist zonder vergunning is gekapt, dan wel op andere wijze teniet is gedaan, kan het college aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop de houtopstand zich bevond, dan wel aan degene die uit anderen hoofde voor het treffen van voorzieningen bevoegd is:

a. een verplichting tot herplant opleggen overeenkomstig de door het college te geven aanwijzingen binnen een daarbij te bepalen termijn. Bij de verplichting geldt de waarde van de houtopstand conform artikel 6, tweede lid als uitgangspunt;

b. in aanvulling op of ter vervanging van de verplichting tot herplant als genoemd onder a, een financiële bijdrage bepalen aan het Bomencompensatiefonds van de gemeente Eindhoven. De hoogte van het compensatiebedrag is gelijk aan de waarde van de houtopstand conform deze verordening vermenigvuldigd met de compensatiefactor(indien van toepassing) conform de nadere regels bij deze verordening;

c. een verplichting onder dwangsom opleggen tot herplanten overeenkomstig zijn aanwijzingen en te stellen termijn.

2.   Als een houtopstand waarop het verbod tot kappen van toepassing is in het voortbestaan ernstig wordt bedreigd kan het college aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop de houtopstand zich bevindt, dan wel aan degene die uit anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om, overeenkomstig door hem te geven aanwijzingen en binnen een door hem te stellen termijn, voorzieningen te treffen waardoor die dreiging wordt weggenomen.

Artikel 11 Strafbaarheid

Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde en gegeven voorschriften en beperkingen kan worden gestraft met een hechtenis van ten hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie.

Artikel 12 Toezichthouders

Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van het college dan wel door de burgemeester aan te wijzen personen.

Artikel 13 Citeertitel

Deze verordening wordt aangeduid als ‘Verordening bomen 2021'.

Overgangsbepaling

  1. Deze verordening treedt een dag na bekendmaking in werking.
  2. Indien vóór het tijdstip van inwerkingtreding een aanvraag om een vergunning ingevolge de Verordening bomen 2015 is ingediend en vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvraag is beslist, wordt daarop beslist met inachtneming van het bepaalde in deze verordening.
  3. Een vergunning verleend op grond van de Verordening bomen 2015 geldt als een vergunning verleend op grond van deze verordening.
  4. De Verordening bomen 2015 wordt ingetrokken op de dag van inwerkingtreding van de Verordening bomen 2021.