Gemeente Eindhoven start onderzoek naar onteigende Joodse woningen in Tweede Wereldoorlog

Gemeente Eindhoven gaat onderzoeken welke rol zij zelf heeft gehad in de onteigening van woningen van Joodse inwoners in de Tweede Wereldoorlog. Het onderzoek richt zich ook op eventuele navorderingen van belastingen die de gemeente kan hebben opgelegd aan Joodse Eindhovenaren die terugkeerden uit de vernietigingskampen van de nazi’s, of hun nabestaanden. Dat heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven op donderdag 16 juli bekend gemaakt.

Het onderzoek volgt op persvragen en bekendmakingen van website Pointer (KRO/NCRV) en onderzoekscollectief Follow the Money, die in de zogeheten Verkaufsbücher in het Nationaal Archief ontdekten dat in Eindhoven tussen 1940-1945 in elk geval 38 woningen van Joodse inwoners zijn geconfisqueerd.

Op basis daarvan heeft gemeente Eindhoven samen met het Regionaal Historisch Centrum in maart een korte inventarisatie gemaakt en bronnen aangetroffen over straatbelasting in Eindhoven. Vervolgens heeft het college besloten een verdiepend onderzoek te starten. Het verdiepend onderzoek richt zich op de vraag of gemeente Eindhoven na afloop van de Tweede Wereldoorlog naheffingen voor straatbelasting heeft opgelegd aan Joodse eigenaren van onroerend goed. Ook wordt onderzocht in hoeverre gemeente Eindhoven tijdens de bezetting onroerend goed heeft aangekocht dat eigendom was van Joodse inwoners en of naderhand rechtsherstel heeft plaatsgevonden. Eindhoven is niet de eerste gemeente die dit onderzoekt, in 2016 deed ook Amsterdam hier onderzoek naar, in 2019 volgde Den Haag. Ook in Rotterdam en Utrecht lopen op dit moment dergelijke onderzoeken.

Traumatisch en beschamend

Volgens burgemeester John Jorritsma van Eindhoven zijn de aangetroffen feiten serieus en ernstig: “Het confisqueren van Joodse woningen tijdens de nazi-bezetting en deze doorverkopen is een lelijk litteken in onze geschiedenis. Traumatisch voor de Joodse gemeenschap, beschamend voor onze samenleving. Dat geldt ook voor belastingnaheffingen van Joden die terugkeerden uit vernietigingskampen. Uit een quick-scan werd duidelijk dat zoiets mogelijk ook in Eindhoven is gebeurd. Dat gaan we nu verder uitzoeken.”

Bronnen

Het onderzoek gaat naar verwachting vijf maanden duren en wordt uitgevoerd door Maili Blauw, een gespecialiseerd onderzoeker die ook betrokken is bij de onderzoeken in Den Haag en Utrecht. De bronnen die zij in elk geval gaat raadplegen zijn het Regionaal Historische Centrum in Eindhoven, het Belastingmuseum en het gemeentelijk archief. Daarnaast kunnen andere nationale en lokale bronnen geraadpleegd worden, zoals het NIOD. Het onderzoek gaat 30 duizend euro kosten. De Joodse gemeenschap in Eindhoven is inmiddels geïnformeerd over het onderzoek.

Raadsinformatiebrief: Onderzoek naar aankoop van woningen Joodse eigenaren en navordering