Publicatiedatum: 02-12-2011
Regelmatig worden door archeologen munten gevonden. Dat gebeurt vooral met de metaaldetector want met het blote oog zijn ze vaak moeilijk te vinden. Het betreft bijna uitsluitend geld met een geringe waarde, zowel vroeger als nu.
Tijdens opgravingen van kerkterreinen worden vaak en veel munten gevonden. Het zijn zelfs de rijkste vindplaatsen van munten die we kennen. Waarom er in en rond kerken zo veel munten in de grond terecht zijn gekomen weten we niet zeker. Het kan zijn dat het is verloren door kerkbezoekers, het kan opzettelijk in de grond zijn opgeborgen maar er bevinden zich vaak ook ‘dodenmunten’ bij.
Het meegeven van muntgeld is een ‘heidense’ gewoonte die door christenen is overgenomen. De dode kreeg een munt mee, in de mond, op de ogen, in de hand, onder het hoofd, in de kist of in de grafkuil. Het geld was bedoeld als entree voor de hemel, om Petrus, de bewaker van de hemelpoort, te betalen. Munten met een kruis erop hadden als doel de duivel te bezweren.
Een van de munten die tijdens een opgraving van het kerkterrein bij de Oude Toren in 2003 tevoorschijn kwam is een deel van een groen uitgeslagen muntje. Het is een zogenaamde bracteaat. Dergelijke blikken muntjes zijn doorgaans van zilver of van een zilver-koper legering. Ze dateren vaak uit de jaren 1400-1500.
Op dit exemplaar staat in het midden een kruisje ingeslagen. Zou men in Woensel bang zijn geweest dat de duivel bij de dode kwam?
Telefoon: