Publicatiedatum: 22-11-2011
De jagers en voedselverzamelaars van het einde van de oude steentijd zijn de eersten die met tamme honden leefden. Sindsdien is de hond een populair huisdier. De oudste aanwijzing voor een hond in Eindhoven dateert uit het begin van onze jaartelling. Het betreft een in het Dommeldal gevonden menselijk dijbeen met op de uiteinden de typische knaagsporen van een hond (of wolf). Kennelijk heeft het lijk van een mens gediend als voedsel.
Uit de late middeleeuwen (1200-1500) en de eeuwen daarna dateren allerlei skeletresten van honden. De meeste daarvan zijn gevonden in de middeleeuwse stadskern (het huidige centrum). Dat honden niet alleen dienden als huisdier blijkt uit een hondenskelet dat in 1989 op de plaats van de Heuvel Galerie werd gevonden. Van deze hond is de schedel ingeslagen en op het bot van onder andere de schedel bevinden zich snijsporen. Deze sporen duiden op het villen van de huid. Die huid zal door een leerlooier zijn bewerkt om er schoenen of andere leren voorwerpen van te maken.
Ook in de Dommeltuin (achter het Van Abbemuseum) zijn skeletresten gevonden van honden met snijsporen op het bot. Deze honden hebben als voedsel gediend tijdens de hongerwinter van 1583, toen Eindhoven werd belegerd door het Spaanse leger.
Dat honden vroeger ook al gelijnd werden blijkt uit de vondst van een gemeen ogende metalen halsband uit de zestiende eeuw. Het betreft een fragment dat uiteindelijk een andere functie zal hebben gehad. Waar kan je dat aan zien?
Gedeelte van geelkoperen halsband, uit de 16e eeuw, voor een hond, gevonden in de gracht
van het Kasteel van Eindhoven
Telefoon: