Publicatiedatum: 20-11-2011
Tot aan het einde van de middeleeuwen worden kledingstukken doorgaans gesloten met behulp van koorden, riemen, haken of spelden. Er bestonden ook knopen, maar die dienden aanvankelijk vooral voor de sier. Waarschijnlijk is de knoop in het noordwesten van Europa pas omstreeks 1250 bekend geworden. Zoals zo vaak bij nieuwigheden nam de christelijke kerk zelfs voor de knoop een conservatieve houding aan. In het jaar 1282 verbood de paus het gebruik van knopen als sieraad.
Pas vanaf omstreeks het jaar 1550 worden voortaan rijen knopen gebruikt voor het sluiten van kleding, ook door religieuzen. De knopen worden zowel gemaakt van been als van metaal. De in Eindhoven gevonden knopen zijn bijna alle van geelkoper, enkele van tin en één exemplaar is van zilver. Vooral in de jaren 1550-1650 zijn ze vaak versierd met bloemmotieven.
Kledingsstukken voor het bovenlichaam hadden vaak tientallen knopen. Ze waren stuk voor stuk vastgenaaid met een draadje. Knopen werden regelmatig verloren. In de middeleeuwse stadskern van Eindhoven zijn er tientallen gevonden. Op het vroegere platteland komen nauwelijks knopen voor die ouder zijn dan omstreeks 1650. Dit is een van de aanwijzingen dat de stedelingen toen anders gekleed gingen dan de plattelanders.
Op het platteland worden wel vaak knopen gevonden uit de achttiende en negentiende eeuw. Kennelijk droegen boeren toen ook kleding die werd gesloten met knopen. Er worden ook vaak knopen gevonden die afkomstig zijn van militaire uniformen. Vooral wanneer er meerdere op één plek worden ontdekt, samen met munten, gespen en ongebruikte loden kogels, is vaak sprake van een legerkampje.
Telefoon: